De nood om een frisse wind door de Belgische defensie te laten waaien was nooit groter dan vandaag. Het antwoord van Roberto Martinez op die noodzaak is Zeno Debast. De 18-jarige zet zijn eerste voorselectie om in een definitieve oproep voor de Rode Duivels. En die is allerminst gestolen. Debast behoort dit seizoen namelijk tot één van de beste centrale verdedigers, net zoals zijn mede-Rode Duivel en concurrent Toby Alderweireld. Een nieuwe concurrentiestrijd is aangebroken.
GROTE TOPPER IN WORDING
Donderdag speelde Zeno Debast wederom een sterke en volwassen wedstrijd voor Anderlecht. Tegen de Roemeense topclub FCSB was de 18-jarige verdediger opnieuw één van de betere spelers van Sporting. “Het zou ons niet verbazen als Roberto Martinez de verdediger opneemt in de selectie van de Rode Duivels”, voorspelde Het Nieuwsblad al. “Ook in Boekarest was Debast de beste Anderlecht-speler. Volgt vanmiddag de kers op de taart bij de selectie van Roberto Martínez?” schreef Het Laatste Nieuws.

Zeno Debast speelde tegen FCSB zoals hij al het ganse seizoen doet: matuur, technisch onderlegd, defensief sterk en indrukwekkend in het balbezit. Ondanks zijn jonge leeftijd van 18 lentes, speelt Debast als een ancien, alsof hij al jaren de paars-witte defensie leidt. Daarnaast onderscheidt hij zich ook in het opbouwend gebied. Debast durfde het donderdag ook aan om zijn tegenstander te dribbelen - telkens met succes trouwens - en hij liet zich ook positief opmerken met het oprukken met de bal aan de voet. Keizerlijk en imponerend.
GEEN VERRASSING
Zeno Debast werd niet opgeroepen voor de Rode Duivels enkel en alleen op basis van de wedstrijd tegen FCSB. Roberto Martinez hield de talentvolle verdediger al veel langer in de gaten, want hij zou al langer zijn eerste selectie gepakt hebben voor de nationale ploeg, ware het niet van zijn opgelopen voetblessure dit voorjaar. Debast profileert zich bij Anderlecht tot de meest stabiele factor van de ploeg en veel analisten en media beschouwen hem met voorsprong als het grootste lichtpunt in de bedenkelijke seizoenstart van Sporting.

Dat maakt het niet vreemd dat Roberto Martinez hem al maandenlang volgt met het oog op een selectie voor de Rode Duivels. Ook voor Felice Mazzu zal de eerste oproep van Zeno Debast niet als een verrassing aankomen. De coach van Anderlecht pleitte enkele weken geleden al voor een eerste selectie van zijn verdediger, die er met kop en schouders bovenuit steekt in de defensie van Sporting. “Hij zou die selectie voor de nationale ploeg echt wel verdienen”, zei Mazzu. “Zeno acteert al wekenlang op een hoog niveau. Hij is hongerig en leergierig, een plezier om mee te werken.”
NIEUWE DUIVEL
Indien Zino Debast in het komend interlandluik zijn eerste A-cap pakt bij de Rode Duivels, dan treedt hij als 18 jaar en 11 maanden jonge verdediger in de voetsporen van Vincent Kompany (17 jaar en 10 maanden). Jason Denayer (19 jaar en 10 maanden), Dedryck Boyata (19 jaar en 11 maanden), Toby Alderweireld (20 jaar en 2 maanden), Jan Vertonghen (20 jaar en 2 maanden) en Thomas Vermaelen (20 jaar en 4 maanden) waren allemaal iets ouder dan Debast toen zij hun eerste speelminuten maakten voor de nationale ploeg.

Het valt uiteraard nog af te wachten of Roberto Martinez hem meteen al voor de leeuwen zal gooien tijdens zijn eerste selectie bij de Rode Duivels. De Spaanse bondscoach hecht immers veel belang aan het integratieproces van ‘nieuwe’ spelers bij de groep en dat zal hij zeker niet forceren. “Zeno is indrukwekkend aan het seizoen bij Anderlecht begonnen. Dan stop je met te kijken naar de leeftijd en neem je het potentieel in rekening. Dit is een grote kans voor hem om zich te tonen”, zei Martinez aan Sporza.
GEKNEED DOOR KOMPANY
Zeno Debast explodeert dit seizoen onder Felice Mazzu maar het was Vincent Kompany die hem in de vorige jaargang liet debuteren. De toenmalige coach van Anderlecht was wild van Debast, wat bleek uit verschillende uitspraken. “Hij speelde met de maturiteit van een 30-jarige speler”, zei Kompany na een wedstrijd tegen Cercle Brugge. “Hij heeft een geweldige toekomst en een enorme ruimte voor progressie.” “Ik hou van zijn persoonlijkheid aan de bal. Hij heeft een enorm potentieel.”
Zeno Debast viel vorig seizoen op door zijn indrukwekkende crosspass, een trap waarmee die op Neerpede zelfs vergeleken wordt met die van Vincent Kompany. Millimeterwerk. En dit seizoen perfectioneert hij die kwaliteit nog meer. Samen met Toby Alderweireld is Debast immers de koning van de lange passing. Niemand verstuurde dit seizoen in de Jupiler Pro League nog meer geslaagde lange passes dan de twee centrale verdedigers van Anderlecht en Antwerp FC.

Anderzijds moest Zeno Debast wel nog werken aan zijn (start)snelheid en fysieke kwaliteiten. Het kon bijvoorbeeld geen kwaad om wat extra spiermassa te winnen om op die manier wat sterker te kunnen duelleren met zijn rechtstreekse tegenstanders. Maar daar heeft de nieuwe golden boy van Anderlecht in de voorbije maanden al naarstig aan gewerkt in de fitnessruimte van de club. Met resultaat, want hij wint dit seizoen maar liefst 77% van zijn defensieve duels.
TOPPER IN DE JPL
Daarmee is hij de zevende beste verdediger in de Jupiler Pro League én ook de beste van Anderlecht. Om maar te zeggen dat de jonge verdediger duidelijk grote stappen vooruit heeft gezet in zijn fysieke capaciteiten, iets wat een tijdje geleden nog een groot werkpunt was voor hem. Maar Zeno Debast maakt ook het verschil door zijn opbouwende passing en voetballende kwaliteiten. Dat heeft Debast grotendeels te danken aan het feit dat hij in de jeugdopleiding oorspronkelijk een spelverdeler was.

Op het gebied van progressieve passes en passes in de box van de tegenstander schaart Zeno Debast zich in de top vijf van alle centrale verdedigers van de Jupiler Pro League. Hij durft ook zijn mannetje voorbij gaan én slaagt daar ook bijzonder goed in. In zowat elke match is hij wel goed voor een dribbel, waarvan er in totaal maar ééntje niet slaagde. Debast rukt ook graag op met de bal aan de voet, en daarin is hij zelfs de vierde beste speler van de ganse (!) Belgische competitie. Enkel Joseph Paintsil (KRC Genk), Thierry Ambrose (KV Oostende) en Musa Al-Tamari (OH Leuven) tellen dit seizoen nog meer rushes met de bal aan de voet dan Debast.